Kaempferol

Kaempferol is een polyfenol behorende tot de groep van de flavonoïden. De hoogste concentratie kaempferol (mg/100 g) treft men aan in saffraan (12.600), kappertjes (250), rucola of raketsla (60), spinazie (55), boerenkool (47), mosterdzaad (38), de gewone boon (26) en andijvie (25). Biologisch gecultiveerde planten bevatten 10% tot 95% (bv. tomaten) meer kaempferol dan niet-biologische planten. Kaempferol is zoals de meeste flavonoïden moeilijk opneembaar, de opname ervan wordt respectievelijk met 52% en 40% verhoogd in combinatie met natuurlijke vitamine E en vet (bv. kokosolie, olijfolie of omega-3-olie). Bij dieren wordt kaempferol afgebroken in quercetine, wat niet het geval is bij mensen. Kaempferol wordt opgenomen doorheen de darmwand in de bloedbaan d.m.v. passief transport en vervolgens opgenomen in de hersenen.

Kaempferol is een FAAH-remmer, het vertraagt de werking van het FAAH-enzym, wat resulteert in een toename van anandamide (endogene CB1-agonist) en PEA (ref-1ref-2).

Uit epidemiologische studies blijkt dat het eten van kaempferolrijke voeding het risico op het ontwikkelen van sommige kankers, cardiovasculaire aandoeningen en diabetes halveert. Binnen de Chinese geneeskunde wordt kaempferol gezien als een fytonutriënt voor de behandeling van tal van chronische aandoeningen (overzicht) zoals inflammatie, kanker, multisysteemaandoeningen en degeneratieve aandoeningen zoals diabetes, Alzheimer, Parkinson en de ziekte van Huntington. Er zijn meer dan 5.000 studies gepubliceerd op Pub Med over de werking van kaempferol, waarvan een klein deel door westerse wetenschappers. Vermoedelijk is kaempferol om deze reden vrij onbekend in het Westen.

Co-enzym Q10

In planten verloopt de helft van de biosynthese van Co-enzym Q10 (ook wel CoQ10, Q10 of ubiquinone genoemd) via kaempferol (ref), dat fungeert als de precursor van Co-enzym Q10. In vitro onderzoek wijst uit dat kaempferol zorgt voor een opmerkelijke toename van Co-enzym Q10 in niercellen (ref), vermoedelijk omdat kaempferol een sterke SIRT3-activator is.

(referentie)

Epigenetisch herstel

Kaempferol heeft de eigenschap de expressie van verschillende genen te herstellen. Het evenwicht tussen het aan- en uitzetten van de genen, wat maakt dat er al dan niet bepaalde stofjes worden aangemaakt, wordt gereguleerd door twee enzymgroepen: de HAT– en HDAC-enzymen. Het remmen van de HDAC-enzymen heeft een positieve invloed op de expressie van de genen. HDAC-remmers verhogen de expressie van de ‘goede genen’. Er zijn 12 verschillende HDAC-enzymen. Kaempferol heeft de eigenschap om 4 HDAC-enzymen te remmen (HDAC 2, 4, 7 en 8). Tegelijk verhoogt kaempferol de werking van SIRT3, het enzym dat de aanmaak van energie (ATP) reguleert en een centrale factor is in het anti-aging proces en het opruimen van kankercellen. Het verhoogt tevens de werking van het SIRT6-enzym, dat het DNA herstelt, de telomeren intact houdt, de suikerverbranding reguleert (glycolyse), kankercellen opruimt en ontstekingen afremt.

Eigenschappen

  1. Rustgevend
  2. Traumaverwerking
  3. Dopamine en serotonine
  4. Anandamide
  5. BDNF
  6. Antioxidant en waterstof-activator
  7. Pijnstiller
  8. Ontstekingsremmend 
  9. Insuline en glucose
  10. Geheugen en hippocampus
  11. Antidepressivum
  12. Antihistaminicum
  13. Botdensiteit
  14. Kankerwerende eigenschappen
  15. Hart en bloedvaten
  16. Antibacterieel
  17. Antiviraal, antischimmel en eencellige parasieten
  18. Vetcellen
  19. Vermindering van AGE’s
  20. COPD

1. Rustgevend

Kaempferol is betrokken bij de regulering van verschillende lichaamseigen stoffen die het zenuwstelsel tot rust brengen.

  • Glutamaat: kaempferol is vermoedelijk de sterkste natuurlijke glutamaatremmer (NMDA-receptor antagonist) met een potentie die krachtiger is dan oraal ingenomen glidkruid, GABA, lavendel, glycine en magnesium. Glutamaat activeert psychische en cellulaire stress en komt vrij als gevolg van insulineresistentie, traumatische ervaringen, een overbelast stresssysteem en dopamine-beloningssysteem en bij uitwerking van exorfinen en troostvoeding zoals suiker, smaakversterkers, zuivel, gluten en soja. Glutamaat remt dopamine en versterkt de negatieve beleving met kenmerken zoals onrust, piekeren, angsten, prikkelbaarheid, het nocebo-effect, aangeleerde hulpeloosheid, zwart-wit denken en reactief gedrag. Bij mensen met onrust, piekeren, angst-, stress- en slaapstoornissen, ADHD, depressie, eetstoornissen, burn-out en een psychisch trauma is glutamaat vaker chronisch verhoogd. Meer over de werking van glutamaat kan men nalezen in het boek ‘De epigenetica van ADHD en glutamaat‘ van Lucas Flamend. De toename van glutamaat kan men in kaart brengen aan de hand van symptomen met de BrainQ checklists.
  • GABA: kaempferol is een zogenoemde ‘prodrug’, een stof die via bacteriën in de darmen wordt omgezet in actieve stoffen. Kaempferol wordt door bacteriën omgezet in GABA dat via de nervus vagus in het maag-darmstelsel wordt getransporteerd naar de hersenen. Onderzoek bij dieren wijst uit dat een dosering vanaf 0,02 mg tot 1 mg per kg lichaamsgewicht een rustgevend effect heeft, dit komt overeen met 1,5 tot 70 mg bij een persoon van 70 kg (ref). Bij mensen die antibiotica hebben genomen of een verstoorde darmflora hebben, wordt kaempferol mogelijk onvoldoende of niet omgezet in GABA (ref).
  • GAD-enzym: dit enzym zet glutamaat om in GABA, een stofje waardoor men rustig wordt. Kaempferol verhoogt de expressie van het GAD65-gen, dat de aanmaak van het GAD-enzym reguleert. Een verminderde werking van dit enzym is onder meer verantwoordelijk voor diabetes 1 & 2 en de chronische toename van glutamaat.
  • Traumaherstel: traumatische ervaringen en emotionele verwaarlozing tijdens de kindertijd verminderen de werking van het GAD-enzym, dat glutamaat moet omzetten in GABA. Te hoge glutamaatwaarden veroorzaken problemen met het loslaten van negatieve ervaringen. Uit onderzoek blijkt dat kaempferol een herstellend effect heeft op het GAD65-gen dat de aanmaak van het GAD-enzym reguleert.
  • Slaapproces: GABA reguleert het inslapen. De diepe slaap en de REM-fase worden gereguleerd door BDNF (zie punt 4. BDNF).
  • Endorfine: bij een orale dosering van 10 mg kaempferol/kg neemt endorfine toe met 500%.

2. Traumaverwerking

De mate waarin we trauma’s kunnen verwerken, wordt (biologisch gezien) bepaald door de conditie van onze genen. Wanneer we gezonde genen hebben, m.a.w. genen met een optimale genexpressie, maken we meer anandamide, GABA en glycine aan, stoffen die angstremmend zijn en ons helpen om trauma’s te verwerken. Maar het gaat nog een stap verder. Het omzetten van angst (vreesconditionering) in plaatsvervangende en minder bedreigende emoties wordt ondersteund door een epigenetisch proces, met name ADAR1, dit gen faciliteert het verwerkingsproces ref. Bij een verminderde gen-expressie van het ADAR1-gen blijven we als het ware vastzitten in de angstpatronen die zo kenmerkend zijn voor mensen met PTSS, CVS/ME en fibromyalgie. Onderzoek wijst uit dat glutamaat, een stofje dat chronisch is verhoogd bij mensen met PTSS, CVS/ME, fibromyalgie en aanhoudende depressie – de genexpressie van het ADAR1-gen verminderd ref. Kaempferol heeft een herstellend effect op het GAD-enzym, dat glutamaat omzet in GABA en het verhoogt de gevoeligheid van anandamide (zie verder). GABA en anandamide zorgen voor een vermindering van glutamaat waardoor de genexpressie van het ADAR1-gen verbetert.

3. Dopamine en serotonine

Kaempferol remt het enzym monoamine-oxidase A (MAO-A). Hierdoor wordt de afbraak van serotonine, noradrenaline en dopamine geremd en neemt de beschikbaarheid van deze neurotransmitters toe. Het effect is een vermindering van de depressieve klachten en een verbetering van de aandacht en motivatie. Omwille van de MAO-A-remming mag kaempferol mag niet gecombineerd met geneesmiddelen en voedingssupplementen met een serotonerge werking.

Kaempferol zorgt tevens voor een toename van dopamine, via de stimulatie van anandamide en BDNF.

4. Anandamide

Wellicht een van de belangrijke functies van kaempferol is het verhogen van anandamide, het bliss-stofje dat ook vrijkomt bij de ‘runners high’. Anandamide heeft van alle lichaamseigen stofjes de sterkste antidepressieve werking. Kaempferol remt het FAAH-enzym, dat anandamide afbreekt. Een trage FAAH-werking verhoogt anandamide, waardoor men zich gelukkiger voelt. Kaempferol is de flavonoïde met de sterkste FAAH-enzym-remmer (ref). Onderzoek laat zien dat de landen waar de mensen het gelukkigst zijn niet de rijkste landen zijn, maar de landen waar de bevolking de traagste FAAH-enzymwerking heeft – waardoor anandamide toeneemt. Deze trage FAAH-werking is een gevolg van een genmutatie (SNP) die meer voorkomt bij de oorspronkelijke bevolking van de Zuiderse landen. Volgens onderzoek heeft de bevolking in Mexico, Nigeria en Colombia drie- tot zesmaal zoveel anandamide dan in Rusland, China en de Oost-Europese landen. In de Verenigde Staten zijn het vooral de Amerikanen van Afrikaanse en Zuid-Amerikaanse oorsprong die een trage FAAH-enzym werking hebben, de blanke inwoners schommelen onderaan. Anandamide is een belangrijke factor in de beleving van spiritualiteit, diepe verbinding, mededogen en onbaatzuchtigheid. Anandamide zorgt voor een toename van dopamine en BDNF.

5. BDNF

Kaempferol verhoogt BDNF (brain-derived neurotrophic factor), een neurotrofine, dit is een neuroprotectieve stof dat instaat voor het herstel en de overleving van de hersencellen. Een gebrek aan neurotrofines is een van de belangrijkste oorzaken van neurodegeneratieve ziekten zoals Alzheimer, Parkinson en de ziekte van Huntington. Zonder BDNF zouden een deel van de hersencellen verschrompelen en afsterven onder de invloed van glutamaat, iets wat we bijvoorbeeld zien bij mensen met hippocampusatrofie, waarbij het volume van de hippocampus afneemt.

BDNF activeert de vrijgave van GABA en voorkomt GABA-resistentie. BDNF heeft een herstellend effect op glutamaat, niet alleen omdat het een neurotrofe stof is die de schade door glutamaat herstelt, maar ook omdat het noodzakelijk is voor de werking van GABA. Zonder BDNF zou GABA maar een fractie van zijn werking hebben. Om glutamaat te behandelen moet men dus de werking van BDNF en GABA gelijktijdig optimaliseren. Het slaapproces wordt onder meer gereguleerd door GABA en BDNF. GABA zorgt voor het inslapen en BDNF voor de diepe slaap en de REM-fase.

BDNF en dopamine hebben een wisselwerking: iedere keer als er dopamine wordt geactiveerd komt er BDNF vrij, wat nodig is om de neurotoxiciteit van dopamine en glutamaat te neutraliseren. BDNF zorgt er tevens voor dat het dopaminesignaal wordt versterkt en de dopaminegevoeligheid kan herstellen.

In tegenstelling tot wat de naam brain-derived neurotrophic factor doet vermoeden is BDNF niet alleen actief in de hersenen, maar ook in de longen. Daar vormt het een bescherming tegen allergische luchtwegaandoeningen. De longen maken niet alleen BDNF aan, maar ook DPP-IV-enzymen. Deze twee stofjes werken samen om de longen te beschermen tegen allerlei immuunaandoeningen zoals astma en hooikoorts.

6. Antioxidant en waterstof-activator

Kaempferol herstelt de niet-enzymatische antioxidanten (vitamine C + E en glutathion) en de enzymatische antioxidanten (superoxide dismutase, katalase, glutathion peroxidase en glutathion-S-transferase). Kaempferol remt het NADPH-oxidase, het enzym dat superoxide aanmaakt. Superoxide is een oxidant, verantwoordelijk voor oxidatieve stress. Superoxide vormt samen met stikstofmonoxide (NO) een reactie die nitrosatieve stress veroorzaakt.

Kaempferol  stimuleert de aanmaak van melanine en neuromelanine, de sterkste antioxidanten van het lichaam. Melanine en neuromelanine activeren de vrijgave van waterstof, ze splitsen water (H2O) in waterstof (H2) en zuurstof (O) zonder de hulp van een enzym. Wat heeft dit te maken met het verminderen van oxidatieve en nitrosatieve stress? Antioxidanten verlagen oxidatieve stress via het doneren van een waterstofmolecule aan een vrij radicaal. Melanine en neuromelanine doen hetzelfde, met dit verschil dat ze meer waterstofmoleculen aanmaken. Meer over de wetenschap van waterstof kan men nalezen op de website van het Molecular Hydrogen Institute. Kaempferol activeert tevens antioxidantenzymen zoals superoxide dismutase, katalase en heem oxygenase-1. Kaempferol remt pro-oxidant-enzymen, dit zijn enzymen die oxidatieve stress produceren zoals xanthine oxidase, en elimineert geoxideerd koper en ijzer die oxidatieve stress veroorzaken.

Caseïne, het eiwitfragment in melk remt de antioxidant werking van kaempferol en andere polyfenolen tot 75% (ref). Polyfenolen dragen in een belangrijke mate bij tot kankerpreventie via de remming van het IDO-enzym (ref). Het afremmen van het IDO-enzym zorgt er tevens voor dat er meer tryptofaan wordt omgezet in serotonine en melatonine, twee stofjes die glutamaat verminderen. Indien er onvoldoende IDO-enzym-remming is, wordt tryptofaan omgezet in stoffen die angst en stress activeren via de glutamaat-receptoren (NMDA). Chronische stress (ook chronische milde stress) en ontstekingen veroorzaken een verhoogde activiteit van het IDO-enzym, waardoor de activiteit van glutamaat toeneemt. (ref-1, ref-2).

7. Pijnstiller

Kaempferol heeft een pijnstillende werking via het herstellen van de expressies van de genen die een pijnremmende functie hebben en het verminderen van pijnmediatoren zoals substance P. Het is geschikt voor het verminderen van chronische en neuropathische pijn, met in het bijzonder migraine, tinnitus, rugpijn en  gewrichtspijn. Het pijnstillend effect komt onder meer tot stand door het activeren van anandamide, een van de lichaamseigen cannabinoïden, via een gelijkaardige route die we ook zien bij gebruik van cannabis en PEA. Anandamide activeert tevens de TRPA1-receptoren, die een pijnstillend effect hebben. De pijnstillende werking neemt toe met de tijd door het herstellen van de genexpressies.

Neuropathische pijn wordt onder meer veroorzaakt door een combinatie van oxidatieve en nitrosatieve stress, vorming van AGE’s, ontstekingen en toename van glutamaat, een stof die de pijnmediatoren activeert. Kaempferol vermindert deze factoren en is volgens onderzoek een gunstig middel voor het verminderen van neuropatische pijn.

8. Ontstekingsremmend (COX-enzymen)

De meest toegepaste werking van kaempferol is het ontstekingsremmende effect. Ontstekingen worden onder meer veroorzaakt door oxidatieve en nitrosatieve stress, ontstekingsbevorderende stofjes, zoals cytokines en het stimuleren van de COX-enzymen, die tevens pijn veroorzaken. Ontstekingsremmende pijnstillers zoals ibuprofen (NSAID), paracetamol en aspirine, werken deels via het remmen van de COX-enzymen. Dit effect wordt deels aangestuurd via het endocannabinoïde systeem, waartoe anandamide behoort. Ontstekingsremmende pijnstillers dragen bij tot endorfine- en anandamideresistentie en een vermindering van glutathion. De endorfine- en anandamideresistentie problematiek ontstaat door overstimulatie van deze twee stofjes.  Volgens het Harm-rapport zijn deze geneesmiddelen verantwoordelijk voor ongeveer de helft van de vermijdbare acute ziekenhuisopnames in Nederland. Het rapport ‘Vervolgonderzoek Medicatieveiligheid‘ vermeldt dat het aantal geneesmiddel-gerelateerde ziekenhuisopnamen zijn gestegen van 39.000 in 2008 naar 49.000 in 2013.

Kaempferol heeft een ontstekings- en pijnremmende werking, niet via het overstimuleren van de anandamide-productie, maar door het afremmen van de afbraak, waardoor het stofje langer werkt. Op deze manier wordt resistentie vermeden. Anandamide is een stof die de COX-enzymen remt, wat gunstig is omdat het de vorming tegengaat van prostaglandines, ontstekingsbevorderende stofjes die vaatverwijding, koorts en pijn veroorzaken. Kaempferol remt tevens NF-κB (nucleaire factor kappa B), een stofje dat vrijkomt bij ontstekingen en een rol speelt bij artritis, astma, ziekte van Crohn, multiple sclerose en kanker. Andere ontsteking-gerelateerde stoffen die door kaempferol worden geremd zijn TNFα en Interleukine-6 (IL-6).

Uit onderzoek is aangetoond dat kaempferol nuttig is voor de behandeling van onder meer: chronische en laaggradige ontstekingen, maag- en darmontstekingen, colitis ulcerosa, IBS, artrose, (reumatische) artritis, borstontsteking, maagzweren, ontsteking van de bloedvaten en acute aandoeningen zoals ARDS en longontsteking.

9. Insuline en glucose

Kaempferol verbetert de werking van insuline en de glucoseverbranding via meerdere routes. Het bevordert de werking van insuline, onder meer door toename van IRS-1 (insulin receptor substrate-1 ) een eiwit dat de insuline signaaloverdracht doorgeeft in de cellen. Laaggradige ontsteking zijn een belangrijke oorzaak (en gevolg) van pre-diabetes, ofwel vergevorderde insulineresistentie. Twee factoren spelen hierbij een belangrijke rol: IκB kinase, een stof die het insulinesignaal blokkeert en NF-κB stimuleert, dat verschillende ontstekingsstofjes activeert, beide factoren worden door kaempferol afgeremd.

Kaempferol is een insuline-imitator, met onder meer een verhoogde opname van glucose tot gevolg. Kaempferol verbetert de glucosetolerantie, dit is de mate dat het lichaam glucose kan verwerken, door het verhogen van de insulineaanmaak, een verbeterde glucoseopname, een verminderde vrijgave van glucose via de lever (gluconeogenese) en het verlagen van de bloedsuikerwaarden. Kaempferol vermindert stikstofmonoxide (NO, nitric oxide) en oxidatieve stress, twee belangrijke oorzaken van insulineresistentie. Het vermindert tevens de symptomen van het metabool syndroom zoals toename van HDL en vermindering van LDL.

10. Geheugen en hippocampus

Kaempferol verbetert het geheugen, onder meer door de cellen te herstellen in de hippocampus, die beschadigd zijn t.g.v. glutamaat gerelateerde hippocampusatrofie. Bij muizen waarbij het syndroom van Down (mongolisme) werd opgewekt, heeft kaempferol een gunstig effect in het vermeerderen van de neurale progenitor cellen in de hippocampus (ref). Neurale progenitor cellen zijn stamcellen die zich splitsen in hersencellen.

11. Antidepressivum (BDNF en anandamide)

Kaempferol heeft een antidepressief effect via de toename van anandamide en BDNF (zie punt 3 en 4).

12. Antihistaminicum

Kaempferol remt de vrijgave van histamine uit de mestcellen en heeft een gunstig effect bij de behandeling van IgE-gemedieerde aandoeningen zoals astma, hooikoorts en andere allergische luchtwegaandoeningen.

13. Botdensiteit (calcium, osteoporose)

Menopauzaal botverlies ontstaat door afname van oestrogeen en progesteron. Onderzoek toont aan dat kaempferol de oestrogeen en progesteron huishouding helpt te herstellen en gunstig is om de botdensiteit in stand te houden. Bij botontkalking door bijvoorbeeld hypercortisol, medicatie, metabool syndroom, alcoholisme, roken en diabetes blijkt kaempferol een gunstig effect te hebben op de botdensiteit. Onder meer door het verminderen van osteoclasten (cellen die het bot afbreken) en toename van osteoblasten (cellen die het bot opbouwen). Onderzoek wijst uit dat kaempferol een gunstig effect heeft in het herstelproces van ruggenwervel-degeneratie, waarbij de tussenwervelschijven zijn aangetast, bijvoorbeeld door botontkalking of fysieke belasting. Kaempferol heeft een gunstig effect in het versnellen van het genezingsproces bij botbreuken, de aangroei van implantaten en het herstel van het kraakbeen via het stimuleren van de chondroblasten en chondrocyten.

14. Kankerwerende eigenschappen

Uit epidemiologische studies blijkt dat het eten van kaempferolrijke voeding het risico op het ontwikkelen van sommige kankers, cardiovasculaire aandoeningen en diabetes halveert. Kanker wordt onder meer veroorzaakt door defecten in het reproduceren van DNA, die op hun beurt ontstaan door oxidatieve en nitrosatieve stress. Kaempferol sti­muleert de aanmaak van drie lichaamseigen stofjes die de DNA-fouten eruit filteren: anandamide, BDNF en endorfine.

Kaempferol is een chemopreventieve stof die ingrijpt in de verschillende fasen in de ontwikkeling van kanker. Het preventief anti-kankereffect is onder meer aangetoond bij slokdarmkanker, borstkanker, baarmoederhalskanker, leverkanker, eierstokkanker, maagkanker, longkanker, leukemie, galwegkanker, alvleesklierkanker, blaaskanker, botkanker en goedaardige vleesbomen in de baarmoeder (uterus myomatosus). Kaempferol vermindert HTLV-1, dit is een oncovirus, een virus dat kanker veroorzaakt zoals leukemie.

15. Hart en bloedvaten

Kaempferol voorkomt en helpt atherosclerose te herstellen, deels door de oorzaak (geoxideerde LDL cholesterol) aan te pakken. Kaempferol voorkomt de vorming van bloedklonters (trombose) en plakvorming in de bloedvaten.  Kaempferol heeft een beschermende functie tegen het ontstaan van aritmieën, ventrikelhypertrofie en hartinfarct.

16. Antibacterieel

Kaempferol heeft een antibacteriële werking, onder meer tegen Helicobacter pylori die bij sommige mensen kan leiden tot maagzweren, ontstekingen van het maagslijmvlies en twaalfvingerige darm en maagkanker. Het biedt tevens bescherming tegen Escherichia coli, Pseudomonas aeruginosa, Proteus mirabilis en Staphylococcus aureus.

17. Antiviraal, antischimmel en eencellige parasieten

Kaempferol heeft in onderzoek aangetoond de replicatie van sommige virussen (het kopiëren van het virale DNA in de cellen) te stoppen of af te remmen, voornamelijk via het remmen van enzymen die de replicatie activeren zoals transcriptase, viral proteases en neuraminidase. Het remmend effect is aangetoond bij het herpes simplex virus, cytomegalovirus, influenza virus  (griep) en HIV (Aids).

Kaempferol helpt bij het neutraliseren van enzymen die door de Candida albicans wordt afgescheiden om de cellen van de gastheer te penetreren, om op deze manier de opname van C. albicans in de cellen te voorkomen. Uit onderzoek blijkt dat kaempferol gunstig is bij de behandeling van de schimmels Aspergillus flavus, Aspergillus niger en Trichophyton mentagrophytes. Kaempferol heeft een antiprotozoale functie, dit is het vernietigen van eencellige parasieten zoals Leismania spp, Entamoeba histolytica en Giardia lamblia.

18. Vetcellen

Kaempferol remt FASN (Fatty Acid Synthase), een enzymgroep die glucose omzet in palmitinezuur, een verzadigd vetzuur dat in te hoge concentraties in verband wordt gebracht met overgewicht, moeite met afvallen en kanker. Palmitinezuur dat het belangrijkste vetzuur van palmolie is, veroorzaakt nadelige epigenetische aanpassingen in de cellen. Stamcellen die in een later stadium spiercellen of vetcellen worden, de zogenoemde ‘precursor-cellen’, veranderen in een omgeving met veel palmitinezuur in vetcellen. Kaempferol draait het proces om, zodat de precursor-cellen veranderen in spiercellen.

19. Vermindering van AGE’s

Kaempferol zorgt voor een aanzienlijke afname van AGE’s, afkorting voor Advanced Glycation End-products, zijn eiwitten en vetten die onherstelbaar beschadigd zijn, doordat ze op een verkeerde manier zijn gekoppeld aan suikergroepen zoals glucose. Hierdoor zijn de gedegenereerde eiwitten en vetten niet meer bruikbaar en kunnen ze een gevaar vormen. AGE’s worden deels verantwoordelijk geacht voor het ontstaan van microvasculaire complicaties bij hyperglycemische aandoeningen als diabetes. AGE’s veroorzaken een toename van oxidatieve stress, insulineresistentie en chronische ontstekingen. Ze veroorzaken een versnelde verharding van de pezen in de spieren, waardoor schouders en handen hun soepelheid verliezen. Het AGE’s-verlagende effect is effectief bij een orale dosering vanaf 2 mg per kg lichaamsgewicht, dit is 150 mg kaempferol bij een persoon van 75 kg.

20. COPD

Kaempferol blijkt een gunstig effect te hebben in het verminderen van de COPD-symptomen via het remmen van het IKK2-enzym (ref). Overactiviteit van dit enzym is onder meer gerelateerd aan COPD, kanker en ontstekingen. Kaempferol kan in combinatie met fisetine worden gebruikt voor de behandeling van COPD-symptomen.

Contra-indicaties

Kaempferol vertraagt de afbraak van serotonine en dopamine. Om deze reden mag het niet gecombineerd worden met serotonerge middelen zoals antidepressiva, sint-janskruid, passiebloem, tryptofaan, 5-HTP, hoge doseringen Rhodiola en opiaatpijnstillers. Kaempferol is niet geschikt voor mensen met psychose, manie en bipolaire stoornis vanwege de dopaminerge werking. Niet gebruiken in combinatie met anticoagulantia, antipsychotica, cytostatica en andere immunosuppressiva, radiotherapie, atomoxetine, dextro-amfetamine, Parkinsonmedicatie en bupropion. Kaempferol kan de bloedsuikerspiegel beïnvloeden, mensen met diabetes (insuline of orale antidiabetica) dienen hier rekening mee te houden. Stop het gebruik van kaempferol voor een chirurgische ingreep.

Disclaimer en copyright

Deze informatie is bedoeld als informatiebron en als naslagwerk. Het is met de grootste zorgvuldigheid en naar beste vermogen en inzicht samengesteld. De informatie is bedoeld voor beroepsbeoefenaren zoals artsen, apothekers, herboristen, psychologen en therapeuten, die vanwege hun opleiding en ervaring de inhoud en toepassing kunnen evalueren. De informatie is niet bestemd voor leken of consumenten die zelf een behandeling willen uitstippelen. Het is geenszins bedoeld als vervanging voor het consulteren van een arts of therapeut. Indien u momenteel geneesmiddelen neemt, raadpleeg dan eerst een arts indien u met deze middelen wil stoppen. Stop de inname niet of vervang deze geneesmiddelen niet op basis van informatie of aanbevelingen uit deze website. BrainQ kan niet aansprakelijk worden gesteld voor eventuele schade die zou voortvloeien uit beslissingen gebaseerd op informatie uit deze website.

De informatie mag niet gekopieerd, gepubliceerd of via een andere vorm doorgegeven worden aan derden zonder de schriftelijke toestemming van BrainQ.

Referenties

  1. Adhikary S. et al. (2018). Dietary flavonoid kaempferol inhibits glucocorticoid-induced bone loss by promoting osteoblast survival. Nutrition.
  2. Alkhalidy H. et al (2015). Small Molecule Kaempferol Promotes Insulin Sensitivity and Preserved Pancreatic β-Cell Mass in Middle-Aged Obese Diabetic Mice. J Diabetes Res.
  3. Alkhalidy H. et al. (2018). Kaempferol ameliorates hyperglycemia through suppressing hepatic gluconeogenesis and enhancing hepatic insulin sensitivity in diet-induced obese mice. J Nutr Biochem.
  4. Alkhalidy H. et al. (2018). The Flavonoid Kaempferol Ameliorates Streptozotocin-Induced Diabetes by Suppressing Hepatic Glucose Production. Molecules.
  5. Al-Numair KS. et al. (2015). Ameliorative effect of kaempferol, a flavonoid, on oxidative stress in streptozotocin-induced diabetic rats. Redox Rep.
  6. Bourassa P. et al. (2013). The effect of milk alpha-casein on the antioxidant activity of tea polyphenols. J Photochem Photobiol B.
  7. Brusselmans K. et al. (2005). Induction of cancer cell apoptosis by flavonoids is associated with their ability to inhibit fatty acid synthase activity. J Biol Chem.
  8. Calderón-Montaño JM. et al. (2011). A review on the dietary flavonoid kaempferol. Mini Rev Med Chem.
  9. Chandramohan G. (2015). Antidiabetic effect of kaempferol a flavonoid compound, on streptozotocin-induced diabetic rats with special reference to glycoprotein components. Progress in Nutrition.
  10. Daekeun S. et al. (2015). Dietary Compound Kaempferol Inhibits Airway Thickening Induced by Allergic Reaction in a Bovine Serum Albumin-Induced Model of Asthma. Int J Mol Sci.
  11. Fernández-del-Río L. et al. (2018). Kaempferol increases levels of coenzyme Q in kidney cells and serves as a biosynthetic ring precursor. Free Radic Biol Med.
  12. Garner JM. et al. (2018). Changes in Brain-Derived Neurotrophic Factor Expression Influence Sleep-Wake Activity and Homeostatic Regulation of Rapid Eye Movement Sleep. Sleep.
  13. Grundmann O. et al. (2009). Kaempferol from the leaves of Apocynum venetum possesses anxiolytic activities in the elevated plus maze test in mice. Phytomedicine.
  14. Hallmann E. (2012). The influence of organic and conventional cultivation systems on the nutritional value and content of bioactive compounds in selected tomato types. J Sci Food Agric.
  15. Hyun Sook Lee et al. (2014). Kaempferol Downregulates Insulin-like Growth Factor-I Receptor and ErbB3 Signaling in HT-29 Human Colon Cancer Cells. J Cancer Prev.
  16. Imran M. et al. (2019). Chemo-preventive and therapeutic effect of the dietary flavonoid kaempferol: A comprehensive review. Phytother Res.
  17. Jae Kyeom K. (2010). Protective Effects of Kaempferol (3,4′,5,7-tetrahydroxyflavone) against Amyloid Beta Peptide (Aβ)-Induced Neurotoxicity in ICR Mice. Bioscience, Biotechnology, and Biochemistry.
  18. Jie Ren et al. (2019). Recent progress regarding kaempferol for the treatment of various diseases. Exp Ther Med.
  19. Kim JM. et al. (2010). Kaempferol modulates pro-inflammatory NF-kappaB activation by suppressing advanced glycation endproducts-induced NADPH oxidase. Age (Dordr).
  20. Kishore L. et al. (2018). Effect of Kaempferol isolated from seeds of Eruca sativa on changes of pain sensitivity in Streptozotocin-induced diabetic neuropathy. Inflammopharmacology.
  21. Kouhestani S. (2018). Kaempferol attenuates cognitive deficit via regulating oxidative stress and neuroinflammation in an ovariectomized rat model of sporadic dementia. Neural Regen Res.
  22. Kouhestani S. (2018). Kaempferol attenuates cognitive deficit via regulating oxidative stress and neuroinflammation in an ovariectomized rat model of sporadic dementia. Neural Regen Res.
  23. Lagoa R. et al. (2009). Neuroprotective effect of kaempferol in the 3-nitropropionic acid model of Huntington’s disease. Free Radical Research.
  24. Lich Thi Nguyen et al. (2016). Enhanced healing process of fracture by treatment of Kaempferol. Biomedical Research.
  25. Luo C. et al. (2015). Kaempferol alleviates insulin resistance via hepatic IKK/NF-κB signal in type 2 diabetic rats. Int Immunopharmacol.
  26. Mao K. (2018). Late-life targeting of the IGF-1 receptor improves healthspan and lifespan in female mice. Nature Communications.
  27. Mitchell AE. et al. (2007). Ten-year comparison of the influence of organic and conventional crop management practices on the content of flavonoids in tomatoes. J Agric Food Chem.
  28. Muhammad I. (2019). Kaempferol: A Key Emphasis to Its Anticancer Potential. Molecules.
  29. Niloufar D. et al. (2016). Kaempferol promotes memory retention and density of hippocampal CA1 neurons in intra-cerebroventricular STZ-induced experimental AD model in Wistar rats. Biologija.
  30. Nowak B. et al. (2017). Oral administration of kaempferol inhibits bone loss in rat model of ovariectomy-induced osteopenia. Pharmacol Rep.
  31. Oh SM. et al. (2006). Biphasic effects of kaempferol on the estrogenicity in human breast cancer cells. Arch Pharm Res.
  32. Ozyürek M. et al. (2009). Measurement of xanthine oxidase inhibition activity of phenolics and flavonoids with a modified cupric reducing antioxidant capacity (CUPRAC) method. Anal Chim Acta.
  33. Park HH. et al. (2008). Flavonoids inhibit histamine release and expression of proinflammatory cytokines in mast cells. Arch Pharm Res.
  34. Prabal K Chatterjee. (2010). Hepatic inflammation and insulin resistance in pre-diabetes – further evidence for the beneficial actions of PPAR-γ agonists and a role for SOCS-3 modulation. Br J Pharmacol.
  35. Rajendran P. et al. (2014). Kaempferol, a potential cytostatic and cure for inflammatory disorders. Eur J Med Chem.
  36. Ricardo A. et al. (2016). Antibacterial effect of kaempferol and (−)-epicatechin on Helicobacter pylori. European Food Research and Technology.
  37. Singh G. et al. (2013). Phytochemical study and screening for antimicrobial activity of flavonoids of Euphorbia hirta. IJABMR.
  38. Sok Kuan Wong. et al. The Osteoprotective Effects Of Kaempferol: The Evidence From In Vivo And In Vitro Studies. Dovepress. Department of Pharmacology, Faculty of Medicine, Universiti Kebangsaan Malaysia, Kuala Lumpur, Malaysia.
  39. Solanki I. (2015). Flavonoid-Based Therapies in the Early Management of Neurodegenerative Diseases. Adv Nutr.
  40. Soo-Hyun Park et al. (2010). Antidepressant-like Effect of Kaempferol and Quercitirin, Isolated from Opuntia ficus-indica var. saboten. Exp Neurobiol.
  41. Soubeyrand E. et al. (2018). The Peroxidative Cleavage of Kaempferol Contributes to the Biosynthesis of the Benzenoid Moiety of Ubiquinone in Plants. The Plant Cell.
  42. Srinivasan E. et al. (2018). Comparative binding of kaempferol and kaempferide on inhibiting the aggregate formation of mutant (G85R) SOD1 protein in familial amyotrophic lateral sclerosis: A quantum chemical and molecular mechanics study. BioFactors.
  43. Suchal K. et al. (2017). Molecular Pathways Involved in the Amelioration of Myocardial Injury in Diabetic Rats by Kaempferol. Int J Mol Sci.
  44. Tao W. et al. (2015). Brainstem brain-derived neurotrophic factor signaling is required for histone deacetylase inhibitor-induced pain relief. Mol Pharmacol.
  45. Thors L. et al. (200!). Inhibition of fatty acid amide hydrolase by kaempferol and related naturally occurring flavonoids. Br J Pharmacol.
  46. Trivedi R. et al. (2008). Kaempferol has osteogenic effect in ovariectomized adult Sprague-Dawley rats. Mol Cell Endocrinol.
  47. Vissiennon C. et al. (2012). Route of administration determines the anxiolytic activity of the flavonols kaempferol, quercetin and myricetin–are they prodrugs? J Nutr Biochem.
  48. Vitale G. et al. (2019). ROLE of IGF-1 System in the Modulation of Longevity: Controversies and New Insights From a Centenarians’ Perspective. Front. Endocrinol.
  49. Wang CN. et al. (2001). The neuroprotective effects of phytoestrogens on amyloid beta protein-induced toxicity are mediated by abrogating the activation of caspase cascade in rat cortical neurons. J Biol Chem.
  50. Werner ED. et al. (2004). Insulin resistance due to phosphorylation of insulin receptor substrate-1 at serine 302. J Biol Chem.
  51. Xiaojian Huang et al. (2018). Kaempferol inhibits interleukin‑1β stimulated matrix metalloproteinases by suppressing the MAPK‑associated ERK and P38 signaling pathways. Molecular Medicine Reports.
  52. Yamasaki K. (2011). Study of Kaempferol Glycoside as an Insulin Mimic Reveals Glycon To Be the Key Active Structure. ACS Med Chem Lett.
  53. Yamatsu A. et al. (2015). The Improvement of Sleep by Oral Intake of GABA and Apocynum venetum Leaf Extract. J Nutr Sci Vitaminol (Tokyo).
  54. Jang YJ. et al. (2011). Kaempferol attenuates 4-hydroxynonenal-induced apoptosis in PC12 cells by directly inhibiting NADPH oxidase. J Pharmacol Exp Ther.
  55. Young JE. et al. (2005). Phytochemical phenolics in organically grown vegetables. Mol Nutr Food Res.
  56. Zhou YJ. et al. (2015). [Inhibitory effect of kaempferol on inflammatory response of lipopolysaccharide-stimulated human mast cells]. Yao Xue Xue Bao.